Langer thuis wonen is niet alleen de geprefereerde optie onder ouderen, ook de overheid streeft naar een langere zelfredzaamheid onder ouderen. Het nieuwe normaal?

De eerste keuze onder ouderen: langer zelfstandig thuis kunnen blijven wonen met ondersteuning van zorg door familie en vrienden. Dit klinkt voor veel ouderen prettiger in de oren dan naar een verzorgingshuis gaan en veel ouderen zijn vaak zelfredzaam genoeg om thuis the blijven wonen. Sterker nog, volgens de eerste Monitor zorg voor ouderen van de Nederlandse Zorgautoriteit wonen verreweg de meeste ouderen (94 procent) gewoon nog thuis. Velen zijn daarbij níet afhankelijk van langdurige zorg en ondersteuning. Ook van de 85-plussers woont 70 procent nog thuis. Daarnaast wonen ook steeds méér ouderen langer thuis.

Dit geldt ook voor de 85-plussers, die dat vaak met ondersteuning vanuit de wijkverpleging doen. En dit wordt niet alleen door ouderen geprefereerd, maar sinds 2015 ook aangemoedigd vanuit de overheid. De overheidsplannen gaan uit van zelfredzaamheid, mantelzorg en een beperking van het gebruik van instellingen. Om dat mogelijk te maken is het huidige overheidsbeleid onder meer gericht op verbetering van de toegankelijkheid en de kwaliteit van de woning. De tijd die ouderen thuis kunnen blijven wonen kan vaak verlengd worden door enkele kleine aanpassingen aan de betreffende woning aan te brengen. Een grijpbeugel in de douche of toilet, een traplift en een verhoogde wc(-bril) kunnen een belangrijk hulpmiddel zijn om langer thuis te kunnen blijven wonen. Maar ook de rollator en de scootmobiel kunnen het thuis wonen vergemakkelijken.

Het Centraal Planbureau (CPB) deed voor het eerst groot onderzoek naar de verhouding tussen de toegankelijkheid van huizen en de instroom naar verpleeghuizen. Ouderen ouder dan 90 jaar die beschikken over een gelijkvloerse woning of een woning die voorzien is van een traplift heeft ruim 20 procent minder kans om in een verpleeghuis terecht te komen dan vergelijkbare ouderen die wél een trap op en af moeten in hun huis. Daarnaast kwam ook naar voren dat de toegankelijkheid van de woning en de instroom naar een verpleeghuis vooral van belang is voor mensen met lichamelijke beperkingen. Het overheidsbeleid dat in 2015 in gang is gezet is op meerdere onderdelen succesvol, bleek in de evaluatie van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) van 2018. Een van de doelstellingen van de overheid is dat mensen die zorg nodig hebben eerst nagaan of er informele hulp beschikbaar is, maar op basis van demografische ontwikkelingen verwacht het SCP dat de hulpbehoefte zal toenemen en de groep die vaak in informele hulp voorziet in omvang afneemt. ‘De gedachte dat nog veel meer mensen zorgtaken op zich gaan nemen berust op politiek wensdenken. De komende decennia zal dat, zeker in de krimpgebieden, niet het geval zijn’, schrijft SCP-directeur Kim Putters in het Financieel Dagblad.